De vrouw met de blote voeten

op zaterdag, 07 maart 2015. Posted in Column

Door Marjelle Brussee

De vrouw met de blote voeten

Zij loopt altijd op blote voeten, zomer en winter. In de zomer heeft ze wat minder bekijks, maar in de winter draait menig hoofd zich naar haar om. De meeste mensen vinden haar maar raar, maar af en toe waagt iemand het wel eens om haar aan te spreken en te vragen: ‘is dat niet koud zo, op blote voeten?’  ‘O, dat voel ik allang niet meer,’ zegt ze dan met een brede grijns. Ja, ze is er trots op dat ze niks meer voelt. Haar voeten zijn haar trots!

Ze werkt voor een oude boerin die een eindje buiten het dorp woont. Het is zo’n boerin van weinig woorden die geen vragen stelt, zolang je maar goed werkt. En werken kan ze goed. De oude boerin is een welgestelde weduwe en heeft een kudde van vijf paarden. De vrouw op de blote voeten verzorgt de paarden. Het verhaal gaat de ronde dat er wel eens een van de paarden op haar voet is gaan staan en dat ze dat ook niet voelde, dat ze gewoon doorwerkte.

Ze is een bikkel, zeggen ze. De meeste mensen zijn min of meer bang voor haar. Maar omdat begeerte nu eenmaal sterker is dan angst en de vrouw op de blote voeten jong en mooi is, zijn er veel mannen uit het dorp en ver daarbuiten die een poging gedaan hebben haar het hof te maken. Maar ze zijn allemaal met de staart tussen de benen teruggekeerd. De meest boosaardigen onder hen vertellen dat ze een sexuele relatie met de paarden heeft en ze menen gezien te hebben hoe ze een van de hengsten aan het bevredigen was. Het roddelcircuit van het dorp smult van deze smeuïge verhalen.

Op een dag krijgt de boerin een oude vriend op bezoek, een schoenverkoper uit Italië. Als de vrouw met de blote voeten hen samen thee ziet drinken ziet ze dat de twee wel meer dan vrienden zijn geweest, want het is de eerste keer dat ze ziet dat de boerin een blos op haar wangen heeft en haar gezicht straalt. ‘Kom, kom erbij zitten’. Het is al even uitzonderlijk dat de boerin haar uitnodigt voor de thee. ‘Deze man komt nog uit de tijd dat er geen winkels waren maar dat er koopmannen rondtrokken om overal hun koopwaar aan te bieden. Zo heb ik hem leren kennen, hij verkocht schoenen uit Italië! En hij ontwerpt ze zelf’ ‘Nu niet meer hoor, ik heb goed geboerd zoals ze dat zeggen hé, in het dorp!’ Hij glimlacht gul en knipoogt naar de boerin. ‘Hé, is het niet nog een beetje te koud om op blote voeten te lopen?’ zegt de oude koopman als hij haar blote voeten ziet. ‘Ach, daar heeft zij geen last van!’ zegt de boerin, ze draagt nooit schoenen’. ‘Draagt ze nooit schoenen?’ Dat vind de oude schoenmaker een interessant fenomeen. ‘Waarom niet, meiske?’ vraagt hij haar met oprechte belangstelling. Ze haalt haar schouders op. ‘Niet nodig,’ zegt ze eenvoudig. De oude schoenmaker is even in gedachten verzonken terwijl de boerin een extra kopje thee inschenkt. ‘Ik krijg opeens een heel goed idee!’ zegt de koopman dan en hij glundert. ‘Het lijkt mij een hele eer om mijn laatste paar schoenen te ontwerpen voor jouw voeten, en te zien of het mij lukt jou te verleiden om toch tenminste 1 paar schoenen te dragen!’ ‘Wat een geweldig idee!’ zegt de boerin en ze klapt in haar handen. De vrouw met de blote voeten staat vol verbazing te kijken naar de metamorfose van deze anders zo norse in zichzelf gekeerde vrouw. ‘Nou, wat vind je ervan?’ vraagt de koopman gretig. De jonge vrouw glimlacht wat ongemakkelijk. ‘Nou eh, ik denk niet dat ik ze ga dragen hoor.’ ‘Laat dat maar aan mij over!’ zegt de koopman en wrijft in zijn handen. ‘Mag ik je voeten even van dichtbij bekijken?’ Ze deinst terug en zegt beslist ‘Nee, dat kan niet’. ‘Oké, mag ik dan je maat weten?’ De schoenverkoper laat zich niet afschrikken. Ze geeft haar maat. ‘Ik denk echt dat het verspilde tijd en energie is’ zegt ze alsof ze zich wil excuseren. ‘Ach welnee, ‘ zegt de koopman vrolijk, ‘ik weet zeker dat je ze gaat dragen!’ ‘Ik ben zo benieuwd!’ zegt de boerin  en terwijl de twee weer verliefd zitten te glunderen besluit zij zich uit de voeten te maken.

Na drie dagen roept de boerin haar naar binnen terwijl ze bezig is in de stallen. O, het zal vast over die schoenen gaan denkt ze en ze voelt dat ze nerveus begint te worden. Ze zal ze minstens moeten passen, en eigenlijk heeft ze daar totaal geen zin in. Maar ze kan de oude boerin niet teleurstellen. Dat zou haar baantje misschien wel eens in gevaar kunnen brengen, want het is duidelijk hoe belangrijk dit voor haar is. Schoorvoetend komt ze de huiskamer binnen. ‘Ah, daar is ze dan! Nou, kom maar eens kijken jongedame!’ Ze komt dichterbij terwijl hij een paar schoenen in de lucht houd. Het zijn leren schoenen met prachtige diepe rode en bruine tinten. Het lijkt wel alsof hij de kleuren van de paarden heeft weten te vangen in de schoenen en ze is er meteen verliefd op. Ze gaat ze natuurlijk niet dragen maar ze zijn wel prachtig om naar te kijken. ‘En nu passen!’ zegt de boerin vrolijk, en de jonge vrouw weet dat ze er niet onderuit kan. Met veel tegenzin trekt ze een van de schoenen aan. ‘ En?’ De koopman en de boerin kijken haar vol spanning aan. ‘Ja, dat zit wel lekker ja, past goed. Maar ik ga ze niet dragen hoor!’ Ze trekt de schoen weer uit. ‘Maar dat kun je toch niet maken!’zegt de boerin boos en ze staat op van haar stoel. Maar de koopman houd haar tegen aan haar arm. ‘Laat haar nou maar, het is oké, misschien heeft ze wat tijd nodig’. ‘Mag ik nu weer gaan?’ vraagt de vrouw met de blote voeten die zich bijzonder ongemakkelijk is gaan voelen.’ De boerin wuift ontevreden met haar hand. ‘Ja, ga maar weer naar de paarden jij, daar hoor je thuis!’.

‘Luister’ zegt de oude koopman op een samenzweerderige manier en hij heeft onmiddellijk weer de aandacht van de boerin. ‘Ik heb een zoon en dat is ook zo’n rare snuiter. We proberen al jaren om een vrouw voor hem te vinden en geloof me, hij heeft genoeg keus want het is een mooie jongen. Maar hij wil niet. Nu dacht ik, als ik nu eens een smoesje verzin om hem hier te krijgen. Dan hebben we twee vliegen in een klap: zij gaat voor hem vast haar mooie schoenen aantrekken en hij kan niet ongevoelig zijn voor zo’n mooie dame. Bovendien zijn ze allebei gek op paarden.’ De oude boerin klapt weer als een blij kind in haar handen. ‘Wat heb je toch altijd geweldige ideeën!’

Een maand later komt de oude koopman terug met zijn zoon. De vrouw met de blote voeten heeft de jongeman gezien en tot haar eigen verbazing voelt ze een lichte nieuwsgierigheid naar  hem. Vreemd want ze heeft wel mooiere mannen aan haar voeten gehad.  Even later roept de boerin haar naar binnen, en het is alsof het hart van de jonge vrouw wat sneller begint te kloppen. Wat is er met haar aan de hand? Ze heeft nog nooit zo’n zenuwachtig gevoel gehad bij een man. Ze voelt zich onzeker en opeens wordt ze zich bewust van de lelijkheid van haar eeltige verweerde voeten die er alles behalve vrouwelijk uitzien. Waar heeft ze die schoenen nu gelaten?  Haar hart gaat als een razende tekeer als ze in haar kamertje gaat zoeken naar de schoenen. Wat is er toch met haar aan de hand? Ha, gelukkig, daar heeft ze de schoenen. Ze trekt ze aan, en ze passen wel maar het nog stugge leer voelt alles behalve prettig aan, en het voelt ook benauwend. Nou ja, even doorzetten, straks kunnen ze weer uit. Een beetje onhandig wankelend komt ze de huiskamer binnen en de jongeman kan niet anders dan onder de indruk zijn van haar verschijning. Haar onhandigheid en onzekerheid ontroeren hem omdat hij zichzelf in haar herkent. Ook zij ziet zichzelf weerspiegeld in hem, als hun blikken elkaar ontmoeten. ‘Misschien wil je mijn zoon even de paarden laten zien?’ vraagt de koopman die weer een vette knipoog geeft aan de boerin. De jongeman springt  op, en de twee zijn meteen vertrokken. ‘Ze had de schoenen aangetrokken, zag je dat!’ De boerin kan haar geluk niet op.

‘Wat een prachtige paarden. En ze zien er heel gezond uit!’ zegt hij terwijl ze samen aan het hek staan. Ze staat te wankelen op de schoenen maar waar ze veel meer last van heeft is het vreselijk wankele gevoel van binnen. Ze heeft zich nog nooit zo onzeker gevoeld. ‘Ja, ze krijgen veel aandacht’ zegt ze verlegen. Ook hij is verlegen en tuurt naar de paarden omdat hij niet naar haar durft te kijken. ‘We kunnen ze wel even borstelen als je dat leuk vind.’ ‘Ja, graag!’ zegt hij, net iets te gretig, en ze moet er wel om lachen. Ze voelt allemaal rare kriebels in haar buik terwijl ze samen met de paarden bezig zijn, en ze weet niet of ze dit nu leuk vind of niet. ‘Is het niet onhandig zo, op die schoenen?’ vraagt hij. ‘Nee, het gaat wel hoor’ zegt ze en voelt zich opeens weer heel onzeker en onhandig. Als de boerin hen weer roept krijgt ze een vreemde steek in haar maag omdat ze misschien alweer afscheid moeten nemen en dat wil ze niet. ‘We gaan over een half uurtje eten’ roept de boerin. O, dus ze gaan nog niet meteen weg, ze blijven eten! ‘Gaan jullie vanavond nog terug?’ vraagt ze zo onverschillig mogelijk. ‘Nee, we blijven tot morgen of misschien wel langer, hoop ik..’ Ook hij probeert onverschillig te doen maar dat lukt hem voor geen meter, ze ziet meteen hoe graag hij wil blijven en ze moet er om lachen, een onbeheerst kirrend soort lachje, dat ze niet kent van zichzelf. Vreemd zoals ze zich gedraagt, verontrustend vreemd.

‘Ik zal je de stallen nog even laten zien’ zegt ze, en hij loopt gewillig achter haar aan. Als ze in de stallen zijn kan ze het niet laten om even op een baal hooi te gaan zitten en haar schoenen uit te trekken. De voeten zien er niet best uit, ze zijn opgezwollen en bijna blauw. Vreemd , ze heeft eigenlijk nooit pijn aan haar voeten, waar ze ook in gaat staan, maar nu wel. Hij ziet het en schrikt ervan. ‘Oei oei, dat ziet er heel pijnlijk uit!’ zegt hij. ‘O, dat valt wel mee hoor’,  zegt ze terwijl ze de schoenen weer probeert aan te trekken. Maar haar voeten werken niet zo mee. ‘Dat zou ik niet doen. Je voeten hebben rust en ruimte nodig. En een beetje aandacht’ zegt hij en komt naar haar toe. Haar hart begint nu zo hard te kloppen dat ze er bang van wordt. Of gaat haar hart zo hard kloppen omdat ze bang wordt? Ze weet het niet meer. Hij gaat op zijn hurken zitten. ‘Ik zal ze wel even masseren, daar ben ik goed in.’ ‘Nee!’ gilt ze ‘blijf van me af!’ ze trekt haar voeten weg, en hij schrikt hevig. ‘Ga weg!’ gilt ze en ze is helemaal hysterisch ‘ga alsjeblieft weg!!’ Ontdaan en gekwetst trekt hij zich terug. ‘Pa, ik wil naar huis’ zegt hij beslist als hij de huiskamer binnen komt. ‘Maar jongen, wat is er gebeurt dan?’ ‘Het is een feeks, die vrouw, ze is gek.’ De vader ziet het gekwetste gevoel in de ogen van zijn zoon. ‘Ach, lieve jongen, heeft ze op je tenen gestaan?’ ‘Nee, ze heeft op mijn hart gestaan!’ zegt hij emotioneel. Hij  heeft tranen in zijn ogen, die hij woest uit zijn gezicht veegt. ‘Je moet het niet te snel opgeven jongen, kom op!’ De vader pakt zijn zoon bij de schouders. Maar de gevoelige jongen houd het niet meer en barst in huilen uit tegen de schouder van zijn vader. ‘Ik denk dat we beter kunnen gaan,’ fluistert de koopman tegen de boerin en ze knikt somber.

De vrouw met de blote voeten is ook in tranen als de boerin haar aantreft in de stallen. De boerin weet zich hier niet zoveel raad mee, en zegt dat ze maar weer naar de paarden moet gaan, die zullen haar wel troosten. De vrouw met de blote voeten staat op, smijt de schoenen door de stal en gaat naar de paarden. De boerin zucht diep en raapt de schoenen bij elkaar. Het is toch zonde, zulke mooie schoenen, van zulk een begaafd en bijzonder koopman! Ze glimlacht terwijl ze het leer van de schoenen streelt.

 Een week later is de vrouw met de blote voeten nog steeds intens verdrietig en haar werk begint eronder te lijden. Tijd voor actie, vindt de boerin, en ze stapt resoluut de stallen binnen waar de jonge vrouw net een beetje afwezig een paard staat te borstelen. ‘We gaan naar Italië!’ zegt ze, ‘ga je spullen maar pakken!’ Een beetje beduusd maar toch ook wel aangenaam verrast gaat de jonge vrouw naar haar kamer. ‘En vergeet je schoenen niet!’ roept de oude boerin haar na.

 Een dag later komen ze aan in Italië. Het is een stille reis geweest want eigenlijk hebben de jonge en de oude vrouw elkaar weinig te zeggen. Maar het is geen onprettige stilte. Beide vrouwen weten dat dit onvermijdelijk is, dat dit precies is wat er moet gebeuren. En dat is genoeg. Ze komen aan bij de boerderij van de vader en die verwijst hen na een kort en warm onthaal naar de boerderij van zijn zoon, een paar kilometer verderop. ‘Hij is vast met de paarden bezig.’ De vrouw met de blote voeten die voor deze gelegenheid haar schoenen weer heeft aangetrokken, wordt meteen blij van de gedachte om samen met hem naar zijn paarden te gaan. En tegelijk is ze bloednerveus. Zou hij haar nog wel willen zien? Even later komen ze aan op de boerderij. ‘Vanaf hier moet je het alleen doen’ zegt de boerin eenvoudig. ‘Ik kom je vanavond weer ophalen.’ De jonge vrouw wankelt op haar mooie schoenen naar zijn boerderij en dan ziet ze hem in de verte staan, bij zijn paarden natuurlijk. Haar hart begint alweer veel te snel te kloppen, haar keel zit dicht, haar maag zit in de knoop, en ze voelt zich duizelig, alsof ze elk moment om kan vallen. Haar gedachten gaan als een razende tekeer. Ze had zich nooit nooit nooit moeten laten verleiden om naar Italië te gaan, want dit gevoel is het meest verschrikkelijke gevoel wat ze ooit heeft gehad dus dat kan nooit goed zijn. Misschien kan ze nog verdwijnen, ergens een plekje zoeken in de struiken en daar wachten tot het avond wordt. Wanhopig kijkt ze om zich heen, maar dan hoort ze opeens zijn stem uit de verte, en ze ziet dat hij meteen naar haar toe komt. Te laat. ‘Hé, hoe kom jij hier nou terecht? Wat een verrassing!’ Er valt een last van 100 kilo van haar rug, godzijdank, hij is blij om haar te zien! ‘De boerin, ze wilde perse, nou ja, ik moest mee!’ Ze kijkt een beetje schaapachtig verontschuldigend, en hij staat daar met een brede grijns op zijn gezicht. Eigenlijk wil hij haar zoenen, maar dat durft hij niet en eigenlijk ziet ze dat allemaal in zijn blik. En dat maakt haar helemaal blij van binnen. ‘Zullen we naar binnen gaan of naar de paarden?’ ‘Naar de paarden natuurlijk!’ lacht ze. Ze wankelt verder op haar schoenen en als hij een pijnlijk gezicht trekt neemt ze opeens een dapper besluit, ze schopt die vreselijke schoenen uit! Dan ziet hij  maar dat ze rare en lompe voeten heeft! Trouwens, hij heeft haar voeten toch al gezien! Hij lacht haar toe op een manier die alleen maar bevestigt dat ze de juist beslissing genomen heeft. ‘Weet je wat..’zegt hij dan opeens opgewonden, en dan trekt hij spontaan zijn laarzen en zijn sokken uit en hij gooit ze in de lucht. Ze lachen er samen hartelijk om en rennen blootsvoets naar de paarden, wat hem een beetje slechter afgaat dan haar!

Heel de middag zijn ze met de paarden bezig en ze genieten met volle teugen van de paarden en van elkaar. Tegen de zonsondergang zijn ze klaar en is het tijd voor het avondeten. ‘Hoe is het met je voeten?’ vraagt hij voorzichtig. ‘Goed, heel goed’, zegt ze vrolijk. ‘Alleen eh, om nou met die moddervoeten het huis in te gaan lijkt me niet zo’n goed idee.’ ‘Nee, misschien heb je een emmertje met water?’ ‘Ja, ik zal eens kijken.’ Hij komt met een emmertje water en een handdoek naar buiten. ‘Hier,’ zegt hij, en geeft haar de emmer aan. Ze ziet de angst in zijn ogen, zo bang is hij om weer iets verkeerd te zeggen of te doen, waardoor ze weer gaat steigeren als een wild paard. ‘Sorry voor eh, voor hoe ik toen deed.’ Zegt ze onhandig. ‘Dat geeft niet.’ Zegt hij zacht. Ze gaat met haar voeten in de emmer staan en voelt tot haar verbazing dat het water lekker warm is. Vreemd , want ook warm en kou voelt ze eigenlijk niet of nauwelijks meer. Het voelt eigenlijk best lekker, maar ook een beetje eng. Als ze uit de emmer stapt geeft hij haar de handdoek en gaat zelf ook in de emmer staan. Ze staat er wat afwezig naar te kijken. Als hij uit de emmer stapt geeft ze hem de handdoek aan. ‘Die was eigenlijk voor jou bedoeld’ zegt hij maar neemt de handdoek toch aan. Hij gaat op een bankje bij het huis zitten en begint met veel zorg en aandacht zijn voeten af te drogen. Ze kijkt er gebiologeerd naar, als een kind dat iets ziet wat ie nog niet helemaal begrijpt. Dan gaat ze naast hem zitten. Hij geeft haar de handdoek. Maar dan geeft ze heel langzaam de handdoek terug aan hem. Hij begrijpt de hint en voelt ontroering in zijn hart. Hij knielt voor haar neer en gaat met alle tederheid die hij in zich heeft haar voeten afdrogen. De tranen stromen over haar wangen….